Schuldige schenker en bakker
Ds. C. Budding | Geen reacties | 23-07-2026| 09:47
Vraag
Ik heb een vraag over de schenker en de bakker. Ik heb altijd begrepen (of misschien geconcludeerd) dat er een soort onderzoek gedaan is waaruit bleek dat de bakker de schuldige was en werd gedood, terwijl de schenker onschuldig was en vrijgesproken. Maar nu las ik (voor het eerst) in vers 1 dat ze beiden kwaad gedaan hadden. Hoe moeten we dit zien? Of is dat niet bekend?
Antwoord
Beste vragensteller,
Bedankt voor je interessante en goede vraag. In Genesis 40:1 lezen we inderdaad dat de schenker van de koning van Egypte en de bakker zondigden tegen hun heer, de koning van Egypte. Letterlijk, betekent hier zondigen: een misstap begaan, zich schuldig maken aan een vergrijp. Hierbij moeten we denken aan een politiek gemotiveerde misstap. Een schenker en een bakker waren vertrouwelingen aan het hof van de koning en moesten volledig te vertrouwen zijn. Deze schenker en bakker stonden aan het hoofd van de hofhouding. Uit andere bronnen weten we dat deze mensen een sleutelpositie hadden en vatbaar waren voor omkoping om de koning te vergiftigen. Zo is er een document van een rechtszitting, dat gaat over een samenzwering van verschillende hovelingen tegen Ramses III in het jaar 1164 voor Chr. Daar bleken vijf hovelingen bij betrokken te zijn geweest. Vaak liep dat voor de betrokkenen niet goed af.
In de zaak van de schenker en de bakker is het bijzonder dat dat deze mannen, ondanks hun gevangenschap, best een bevoorrechte positie ontvingen. In vers 2 lezen wij “hovelingen” maar vanuit het Hebreeuws mag je het zelfs vertalen met “vorsten” en dat blijkt ook uit het feit dat ze, voordat ze definitief beschuldigd worden, zelfs een speciale behandeling krijgen in de gevangenis. Jozef krijgt de zorg voor deze mannen opgedragen.
Nu stel je een goede vraag. “Maar, als de schenker weer in zijn ambt hersteld wordt, was hij dan onschuldig?” Dat lezen we nergens in de Bijbel. Inderdaad: je neemt het makkelijk aan dat zijn onschuld bewezen werd en hij daarom vrijgelaten zou worden. Maar het blijkt dat er op de geboortedag van de Farao (of was het een troonsbestijgingsfeest?) een amnestiewet gold. Dan mocht een gevangene worden vrijgelaten. En in Genesis kunnen we dan lezen dat het precies zo gegaan is, als dat Jozef gezegd had. De Heere liet het aan hem zien en zo gebeurt het.
In deze geschiedenis is de God van Jozef de Hoofdpersoon. Hij gaf Jozef wijsheid en trouw. Gods trouw loopt door deze hele geschiedenis heen. En alles wat er gebeurt staat in het teken van Zijn heilshandelen met Zijn volk. Hij wil Jozef gebruiken. Hij wil ook zelfs de schenker en de bakker gebruiken om te komen tot Zijn doel. Wat je hieruit mag leren is dat alle dingen mogen meewerken ten goede. Zo mocht Jozef komen tot zijn doel: Een Zafnath Paanea te zijn. Dat is: een behouder van het leven. Uiteindelijk zou deze geschiedenis de opmaat worden voor de komst van Israël naar Egypte en zou het volk ook weer wonderlijk uitgeleid worden. God gaat Zijn ongekende gang in de geschiedenis en dat geeft troost.
Ds. C. Budding
Dit artikel is beantwoord door
Ds. C. Budding
- Geboortedatum:20-04-1973
- Kerkelijke gezindte:PKN (Hervormd)
- Woon/standplaats:Urk
- Status:Actief
Bijzonderheden:
Bekijk ook:


