Moeilijk om te bidden voor curatorium

J.P. van den Brink / geen reacties

19-06-2019, 15:12

Vraag

Een vraag die me bezig houdt en waarvoor ik niet meer bidden kan. Ik hoorde van iemand dat er bij het curatorium mensen afgewezen worden en bij een ander kerkverband wel toegelaten worden, bijvoorbeeld bij de HHK. Hoe kun je bidden of de Heere arbeiders uitstoot in de wijngaard, er een roeping is en ze dan afwijzen? Bij een ander kerkverband worden ze wel toegelaten en zijn het toch goede dienstknechten. Aan de andere kant worden er studenten toegelaten die na enkele jaren als dominee zich afscheiden...

Dit alles brengt grote verwarring bij mij te weeg. De Heere geeft wel arbeiders, maar om de een of andere reden worden ze niet toegelaten voor het curatorium van de Gereformeerde Gemeenten. Of ze worden toegelaten en dan gaan ze alsnog naar een ander kerkverband, of ze stichten zelf een gemeente. Het geeft verwarring en hoe kun je voor deze zaak nog bidden als blijkt dat de menselijke afweging bij het toelaten of afwijzen van studenten zo faalt?!  Het is en blijft een mensenzaak.

Ook hebben degenen die een roeping hebben eerst met de plaatselijke gemeente gesproken en is er een attest afgegeven. De plaatselijke gemeente kent de persoon toch beter dan degenen die het curatorium vertegenwoordigen? Ik begrijp heus wel dat er niet lichtvaardig besloten wordt en ook dat er gebed is en dan toch...

Ik ben hiermee naar mijn plaatselijke predikant gegaan, maar het blijft me bezighouden en belemmert mijn gebed wat betreft het curatorium en het toelaten of afwijzen van studenten.

Antwoord

Beste vraagsteller,

Je bent in verwarring over het curatorium en het toelaten of afwijzen van studenten. Wat is het geval? Er zijn voorbeelden van personen, die door het curatorium van de Gereformeerde Gemeenten zijn afgewezen, die daarna de Gereformeerde Gemeenten verlaten hebben en uiteindelijk predikant in een ander kerkgenootschap zijn geworden. En we praten dan niet over predikanten met een discutabele reputatie, maar predikanten die in hun nieuwe kerkgenootschap een kennelijk gezegende, schriftuurlijk-bevindelijk getrouwe prediking brengen. De conclusie ligt voor de hand: het curatorium heeft gefaald in haar besluitvorming. Deze kandidaat hebben zij onterecht afgewezen, zo kunnen we nu achteraf toch wel concluderen.

Anderzijds kennen we ook voorbeelden van aangenomen studenten, die nooit predikant geworden zijn; het is ook voorgekomen dat predikanten zelfs na een lange dienstperiode moesten worden afgezet, dat kwam ook voor bij een emerituspredikant! Recent is er een voorbeeld van een predikant die nog niet zo heel veel jaren geleden door het curatorium is toegelaten tot het predikambt, maar die zich in een kerkelijk conflict onkerkordelijk heeft opgesteld en zich aan het kerkverband heeft onttrokken en rond zijn persoon een eigen kerk heeft verzameld. De vraag werpt zich ook in dit geval op: kunnen we nu op grond van dit achteraf openbaar gekomen ongehoorzaam en onkerkordelijk gedrag van deze predikant niet concluderen dat het curatorium destijds deze kandidaat had moeten afwijzen, dus opnieuw: heeft het curatorium niet gefaald in haar besluitvorming? 

Ik zou kunnen ingaan op een aantal van bovengenoemde voorbeelden en ik zou een poging kunnen doen om je conclusie aan te vechten dat het curatorium maar al te vaak een verkeerde beslissing neemt; ik zou het curatorium  kunnen gaan verdedigen; ik zou kunnen aanvoeren dat je het aantal ‘verkeerde’ beslissingen wel erg uitvergroot en dat we bijvoorbeeld dit jaar toch oprecht blij en dankbaar mogen zijn met en voor de drie aangenomen studenten. Ik zou een heel dispuut op kunnen zetten over je uitspraak: “er is een roeping, maar toch worden ze afgewezen” of “de Heere geeft arbeiders, maar om een of andere reden worden ze niet toegelaten.” Maar dat ga ik niet doen,  juist omdat we ons dan in een weinig vruchtbare discussie storten, waarop ik in mijn recente Dwars-bijdrage 'Het curatorium en het forum op Refoweb' zo’n kritiek had. Wij weten en belijden dat de beslissingen van het curatorium niet onfeilbaar zijn en laten wij voor de eenvoud van het antwoord dat nu als uitgangspunt nemen. 

Zoals je in je vraag aangaf, dit alles brengt je in verwarring en verhindert je in je gebeden. Het is deze noodkreet die mij extra gemotiveerd maakt om je vraag te beantwoorden. Mijn gebed is dat jij weer aan het bidden gaat! Want op het gebed kunnen we wonderen verwachten. God is een hoorder van het gebed; toch komt het voor dat onze gebeden verhinderd worden. Wat zijn zoal blokkades in het gebed?

1. Onze gebeden kunnen zelfzuchtige gebeden zijn. “Gij bidt, en gij ontvangt niet, omdat gij kwalijk bidt, opdat gij het in uw wellusten doorbrengen zoudt” Jakobus 4:3. Naar ons onderwerp: bidden wij naar Gods wil, of zijn we zelfzuchtig aan het bidden omdat wij menen te weten wat er in de kerk gebeuren moet en zijn we teleurgesteld als het anders gaat dan wij voor ogen hadden?

2. Als we niet gehoorzaam zijn aan Gods Woord, kunnen we niet verwachten dat God onze gebeden verhoort. “Die zijn oor afwendt van de wet te horen, diens gebed zelfs zal een gruwel zijn” Spreuken 28:9. Naar ons onderwerp: ook bij het verlangen naar predikers moet het ons gaan om uit te zien naar mannen, die ons leiden kunnen in de verborgenheden van de volle raad Gods. Als andere motieven een rol spelen, zullen onze gebeden niet gehoord worden. Die gebeden zijn het meest effectief, die pleiten op en gehoorzaam zijn aan het eigen Woord van God.

3. Als je bidt met haat, wrevel en twistgierigheid in je hart, wees ervan verzekerd dat je gebeden niet verhoord zullen worden: “En wanneer gij staat om te bidden, vergeeft, indien gij iets hebt tegen iemand; opdat ook uw Vader, Die in de hemelen is, ulieden uw misdaden vergeve”  Markus 11:25. Naar ons onderwerp: lees het interview van ds. van Eckeveld in het RD van 31 mei 2013. Lees hoe aangebonden en integer de broeders van het Curatorium te werk willen gaan en laat je niet in de war brengen door allerlei zure en negatieve kritiek (dit betekent overigens niet dat er geen positieve feedback gegeven mag worden) . Want als je bidt met wrevel in je hart, zullen je gebeden verhinderd worden. Een ander voorbeeld hiervan is 1 Petrus 3:7: “Gij mannen, insgelijks, woont bij haar met verstand, aan het vrouwelijke vat, als het zwakste, eer gevende, als die ook mede-erfgenamen der genade des levens met haar zijt; opdat uw gebeden niet verhinderd worden.” Als er strijd en onenigheid is in ons gezin, zullen onze gebeden verhinderd worden. We kunnen dit overzetten naar onenigheid in de kerk.

4. Staat er een onbeleden zonde in de weg? “Had ik naar ongerechtigheid met mijn hart gezien, de Heere zou niet gehoord hebben” Psalm 66:18. Naar ons onderwerp: ook in het kerkelijk leven mogen verkeerde zaken niet in de doofpot gestopt worden. Betekent dit dat alles maar openlijk besproken moet worden? Nee, want alleen openbare zonden moeten openbaar beleden worden; zaken die in de beslotenheid van de kerkenraadskamer thuishoren blijven daar voor de broeders die het betreft en het Aangezicht des Heeren. “Belijdt elkander de misdaden, en bidt voor elkander, opdat gij gezond wordt; een krachtig gebed des rechtvaardigen vermag veel” Jakobus 5:16.
 
5. Ons gebed kun je niet los zien van het geloof. We leggen onze gebeden in de handen van God, Die wij vertrouwen dat Hij doet boven ons bidden en denken. “En indien iemand van u wijsheid ontbreekt, dat hij ze van God begere, Die een iegelijk mildelijk geeft, en niet verwijt; en zij zal hem gegeven worden. Maar dat hij ze begere in geloof, niet twijfelende; want die twijfelt, is een baar der zee gelijk, die van den wind gedreven en op geworpen en nedergeworpen wordt. Want die mens mene niet, dat hij iets ontvangen zal van den Heere”, Jakobus 1:5-7.

Ik werd getroffen door je uitspraak dat de verwarring over het curatorium je gebeden verhinderde. Daar schrok ik van. Want heeft de Heere het ons Zelf niet geleerd: “En Hij zeide ook een gelijkenis tot hen, daartoe strekkende, dat men altijd bidden moet, en niet vertragen”, Lukas 18:1 En dan vertelt de Heere een gelijkenis niet van de rechtvaardige, maar van de onrechtvaardige rechter. Want juist in situaties die niet goed zijn, moeten we ons bidden in intensiteit laten toenemen en niet vertragen. Dus zelfs en juist als je veel op het curatorium kunt aanmerken: Bidt zonder ophouden!

Als je het lijstje van verhinderpunten van het gebed hierboven nagaat, zie je nergens dat de gebreken van anderen een verhindering zijn om voor hen te bidden, juist het tegendeel: de gebreken van anderen mogen we opdragen aan de Heere. Het zijn daarentegen onze eigen zonden en tekortkomingen die onze gebeden verhinderen!

Je ziet, ik heb je vraag proberen te beantwoorden op een andere manier dan je waarschijnlijk dacht. Toch nog dit, omdat ik meen dat je in je redenering een belangrijke denkfout maakt. Herinner je de geschiedenis van de koningen van Israël. De eerste geroepen koning van Israël was koning Saul. Door David werd hij erkend als de gezalfde des Heeren. De Heere zelf had, mag ik dat met eerbied zeggen, aan Saul een attest gegeven en hem bekwaam gemaakt voor het ambt van koning van het volk Israël, en als zodanig was hij de vertegenwoordiger van de werkelijke Koning van Israël, de JHWH, de Ik Zal Zijn Die Ik Zijn zal. We weten allemaal hoe het met Saul is afgelopen. In ons onderwerp verwoord: hij is een eigen kerk begonnen, in eigen kracht, op eigen houtje. Is dan de vraag niet terecht: heeft het curatorium (heeft God Zelf) zich in de roeping en zalving van Saul vergist? Ik weet wel, ik mag die vergelijking niet een op een maken, maar ik hoop met dit voorbeeld duidelijk te hebben gemaakt dat als het met een predikant of met een kandidaat anders loopt dan wij zouden willen, dan betekent dat nog niet dat God zich vergist heeft.

Ik haast mij erbij te zeggen dat ik mij er hiermee niet makkelijk vanaf wil maken door aan alles wat het curatorium besluit een status van onaantastbaarheid te hangen.  Zoals gezegd, de besluiten van het Curatorium zijn niet onfeilbaar. Maar dwars door onze onmogelijkheden en kerkelijke onvolkomenheden heen, bouwt de Heere toch Zijn kerk. En de Heere is ons voorgegaan hebben we in de afgelopen dagen herdacht met hemelvaart. En de achterblijvende gemeente volhardde in het gebed en was getuige van de rijke uitstorting van de Heilige Geest op Pinksteren. Die God van Pinksteren heeft Zijn arm nog uitgestrekt!

Dus: blijven bidden. En als we blijven bidden, maar niet ontvangen, moet ons eerste onderzoek uitgaan naar ons eigen hart, zie de vijf punten hierboven. Ik wens je een leven dicht bij de Heere toe en dat de Heere ons zegent met mannen met gaven van hoofd en hart, om de gemeenten te leiden door de bediening van het Volle Evangelie van zonde en genade!

Gode bevolen,
J. P. van den Brink

J.P. van den Brink

J.P. van den Brink

  • Geboortedatum:
    10-06-1960
  • Kerkelijke gezindte:
    Gereformeerde Gemeenten
  • Woon/standplaats:
    Eindhoven
  • Status:
    Actief
  • Bijzonderheden:

    Functie: Ouderling

Tags in dit artikel:

curatoriumGereformeerde Gemeenten
geen reacties

Terug in de tijd

Ik ben sinds een paar weken de Bijbel aan het lezen, aan het bidden en mijn leven aan het aanpassen op een manier zoals ...
3 reacties
18-06-2018
Vroeger heb ik een jeugdvriend gehad vanaf mijn 13e tot 17e. Ik heb het in die tijd veel uitgemaakt, maar toch was het s...
geen reacties
18-06-2007
Bij ons in de gemeente spreekt onze predikant de gemeente nooit aan als broeders en zusters. Is dat wel goed? Paulus doe...
1 reactie
18-06-2010
website-ontwikkeling door webdevelopment by Accendis
design website door design website by Mooimerk
hosting website door hosting website by STH Automatisering