Losserschap en leviraatshuwelijk

Ds. A.A. Egas / 1 reactie

10-06-2019, 12:02

Vraag

Ik vraag me af hoe het zit met de andere losser (zonder naam) van Ruth. Hij spreekt erover dat zijn erfelijk bezit te gronde wordt gericht als hij met Ruth trouwt (Ruth 4:6). Betekent dit (het spreken over een erfenis) dat hij dan al een vrouw heeft met kinderen?  Zou het überhaupt kunnen zijn dat iemand die al getrouwd was, als losser met een andere vrouw moest trouwen en daarom dus verplicht twee vrouwen had?

Antwoord

Beste vriend(in).

Bedankt voor je vraag. De beantwoording is niet eenvoudig, omdat hier twee zaken door elkaar spelen, namelijk het losserschap en mogelijk het leviraatshuwelijk. Echter de verklaarders verschillen van mening of Boaz hier wel een beroep doet op de bepaling van het leviraatshuwelijk. Een goede uitleg over dat huwelijk vind je op Refoweb door ds. W. Arkeraats op 1 maart 2011 en daar vind je ook je laatste vraag duidelijk beantwoord.

Wat betreft het “verderven van zijn erfdeel” zijn er verschillende verklaringen mogelijk. Zo denken onze kanttekeningen er aan dat wanneer er maar één zoon bij Ruth geboren wordt, die mogelijk ook recht heeft op de hele erfenis, dus inclusief de grond van de losser. Daarmee zou dan ook de naam van de losser ophouden te bestaan. Zijn gaan er daarmee vanuit dat de losser zelf nog niet getrouwd is of nog geen kinderen heeft.
 
Andere verklaarders wijzen er op dat hij niet met een Moabitische vrouw wilde trouwen en daardoor ook nog verplicht werd haar te onderhouden.

Van harte hoop dat dit antwoord wat licht geeft om een hele complexe situatie. Geve de Heere je Zijn zegen bij het onderzoek van Zijn Woord.

Met een hartelijke groet en Gode bevolen,
Je ds. A. A. Egas

Ds. A.A. Egas

Ds. A.A. Egas

  • Geboortedatum:
    30-05-1957
  • Kerkelijke gezindte:
    Christelijk Gereformeerd
  • Woon/standplaats:
    Damwoude
  • Status:
    Actief

Tags in dit artikel:

BoazRuth
1 reactie
Jesaja40
11-06-2019 / 15:35
Het wel/niet gehuwd zijn speelt geen enkele rol of mag zelfs een motief zijn om het losserschap te weigeren. Juda was ook getrouwd en wilde niet zijn zoon aan zijn schoondochter Thamar geven. Er was toen nog geen wetgeving en toch grijpt Thamar grijpt in.

In Deuteronomium 25 worden de richtlijnen samengevat. Iedere losser in Israël heeft een verplichting. De losser wordt in een openbare vergadering met tenminste tien getuigen gewezen op zijn losserschap. Als hij het losserschap aanvaard wordt zijn jawoord rechtsgeldig en wordt hij, in al zijn handelen door de plaatselijke gemeenschap ondersteund. Zijn optreden is daadkrachtig en wordt door de overige familieleden aanvaard.

Hier, in het boek Ruth, is er sprake van een dubbele vraag: het losserschap van aardse goederen en het verwekken van nageslacht om naam van de overleden persoon in stand te houden. Is de losser bereidt staat om de gebroken schakel weer te herstellen? De losser beseft met zijn jawoord: ik wil een bouwsteen in het Huis van Israël zijn. Degene die niet wil lossen, om wat voor redenen ook, is geen bouwsteen. Door zijn nee zeggen wordt zijn naam niet meer genoemd in Israël. Zijn naam wordt aangepast die wijst naar zijn afwijzing in een bijnaam: de man van wie de schoen is uitgetrokken.
~~~~~~~~
Naomi en Ruth komen met Pesach in Bethlehem aan. 50 dagen later begint het wekenfeest en wordt er een aanvang gemaakt met de tarweoogst. Uit de mondelinge overlevering wist Naomi wat het losserschap inhield. Ruth wist niet van deze gebruiken en Naomi heeft haar de basisbegrippen van het losserschap uitgelegd. Ruth beseft dat zij afgewezen kan worden en een prooi van roddel en schande haar deel kan worden. Met grote precisie doet zij wat Naomi haar heeft opgedragen. Beslist geen houding van dat fiks ik wel even hoor. Verre van dat, want zij weet dat zij een vreemdeling is in Israël.

Tegen de avondschemering, het aanbreken van de nieuwe dag begeeft zij zich naar de dorsvloer waar Boaz ligt te slapen. Het uiterste deel van het kleed tilt zij een klein beetje op en doet dat, zonder er aan te trekken, gedeeltelijk over haar heen. In de stilte van de nacht denkt Ruth aan de woorden die Naomi haar heeft ingeprent die zij moet zeggen tegen Boaz. Ruth wordt hier op de proef gesteld en is onzeker over de afloop.

Boaz die zich nergens van bewust is schrikt ineens wakker. Een stukje desoriëntatie en dan weer het herkennen: o, ik ben op de dorsvloer. Maar wie ligt er aan mijn voeteneind? Wie ben je? In de stilte van de nacht klinken daar de ontroerende woorden: “ik ben Ruth breidt uw vleugel over mij uit”. Naar ons vertaald: ik ben Ruth, de weduwe van Machlon, los mijn erfdeel, neem mij ten huwelijk en verwek bij mij een nakomeling. Het is een noodkreet van een vrouw, die een beroep doet op een zeer nabij familielid van Machlon. Geen enkele romance ligt hieraan ten grondslag.

Natuurlijk kennen wij de reactie van Boaz en zien wij soms kostbare parels over het hoofd.

Een parel hierin is dat Ruth haar sluier op verzoek van Boaz afdoet. Het oplichten van de sluier is het teken dat een bruidegom zijn bruid ziet. Echter hier is het nog nacht en de nieuwe maan staat al een paar dagen aan de hemel. Het volle licht valt dus niet op het gezicht van Ruth. Haar ogen zijn naar beneden gericht als zij haar sluier ophoudt en deze eigenhandig door Boaz wordt vol geschept met graan van de tweede oogst.

In haar sluier (onderdeel van het bruidskleed) draagt zij een deel van de volle oogst. Onder de open sterrenhemel op weg naar haar schoonmoeder. Niemand zal haar op die tocht herkennen en in het volle daglicht zal het openbaar worden wie de losser zal worden. In het donker van de nacht weet zij dat aan haar weduwschap een einde zal komen en de kinderwens mogelijk vervuld gaat worden.

Haar schoonmoeder vraagt haar hoe het is gegaan. Ik heb precies gedaan wat u hebt gezegd. Boaz vertelde mij dat er nog een losser was en hij noemde zijn naam. O ja, die ken ik ook was het antwoord van Naomi.

Naomi gaat verder: ik herinner nog de woorden die je nog maar twee maanden eerder had uitgesproken: Uw volk is mijn volk en uw G’d is mijn G’d. Daar was ik, je schoonmoeder stil van. In dat vertrouwen wachten wij hoe het vandaag zal verlopen.

Weet je Ruth, vervolgt Naomi, dat de naam van je schoonvader Elimelech “mijn G’d is Koning” betekend. Met je bewuste keuze erken je ook dat onze G’d ook jouw Koning is.

Terug in de tijd

In de Statenvertaling en ook in de HSV wordt in Matt. 24:40 en 41 het woord “aangenomen” gebruikt. De NBV vertaalt het m...
1 reactie
10-06-2011
Wij hebben twee zoons van 16 en 17 jaar. Allebei een mobiel met daarop een app van YouTube. Wij hebben daar eens op geke...
7 reacties
10-06-2013
Ik heb misschien een heel lastige vraag: Ik ben Christelijk Gereformeerd en mijn vriend is Nederlands Hervormd en gaat v...
geen reacties
10-06-2004
website-ontwikkeling door webdevelopment by Accendis
design website door design website by Mooimerk
hosting website door hosting website by STH Automatisering