Christus alleen gepreekt voor Gods kinderen

J. den Haan | Geen reacties | 05-11-2026| 10:45

Vraag

Wanneer in de prediking Christus om het zo eens te zeggen, alleen gepreekt wordt voor Gods kinderen, is dat in strijd met de Dordtse Leerregels (Hoofdstuk 2, Artikel 5) waar staat, “dat de belofte van het Evangelie, dat een iegelijk die in de gekruisigde Christus gelooft, niet verderve maar het eeuwige leven heeft, aan alle mensen zonder onderscheid verkondigd moet worden met bevel (!) niet alleen van bekering, maar ook van geloof!” Is dit ernstig en mag je hier verdrietig om zijn, of is dan toch voor ons van toepassing wat Paulus schrijft in Filippenzen 1:18: "Nochtans wordt Christus op allerlei wijze, hetzij onder een deksel, hetzij in der waarheid, verkondigd; en daarin verblijd ik mij, ja, ik zal mij ook verblijden." Een vraag aan iemand uit de Gereformeerde Gemeenten...


Antwoord

Beste vraagsteller,

Je vraagt je af of je verdrietig mag zijn als Christus “alleen gepreekt wordt voor Gods kinderen.” Ik kan je omschrijving van de prediking op twee manieren opvatten:

1. De prediking is beschouwend: er wordt beschreven hoe rijk het is om Christus te kennen en wie Christus is voor Zijn volk, maar zondaren worden niet opgeroepen om tot Christus te vluchten.
2. Het aanbod van genade klinkt voorwaardelijk: Christus wordt alleen aangeboden aan mensen die ontdekt zijn aan hun ellende of kenmerken van wedergeboorte vertonen.

Ik wil op beide punten ingaan, maar laten we eerst kijken wat Paulus precies bedoelt met het door jou aangehaalde Filippenzen 1:18. Als je de kanttekeningen of de BMU erbij pakt, zie je al snel dat Paulus hier niet bedoelt dat de inhoud van de prediking niet uitmaakt zolang de Naam van Christus maar genoemd wordt. In kanttekening 40 op vers 15 lezen we dat ze de “rechtzinnige leer wel predikten, (…) maar dat hun hart niet zuiver was.” Ze hadden verkeerde bedoelingen die ze “onder een deksel” (vers 18) wilden bedekken. Als mensen een verkeerde leer brachten was Paulus daar juist heel fel en duidelijk over (zie Filippenzen 3:2; Galaten 1:6-9). Als de prediking Christus niet aanbiedt aan de grootste zondaren, is dat ernstig en mag je daar verdrietig over zijn. Je mag tegelijk blij zijn met wat er naar Gods Woord van Christus wordt verkondigd en verdriet hebben over wat er aan die verkondiging ontbreekt.

Een beschouwend gedeelte in een preek is niet per definitie verkeerd. Als je Jezus liefhebt, dan gaat je hart branden als Hij beschreven wordt in al Zijn heerlijkheid! Als uitgeschilderd wordt wie Hij is, hoe Hij is en wat Zijn werk is. Gods kinderen mogen getroost worden met de rijkdom die ze mogen hebben in Christus. Tegelijk wijs je terecht op de Dordtse Leerregels. Een preek mag niet alleen vrijblijvende beschouwing zijn. Het Evangelie moet verkondigd worden aan alle mensen, mét bevel van bekering en geloof (Dordtse Leerregels II.5). Het gaat in de Evangelieverkondiging om leven en dood. Wie het Evangelie gelooft, ontvangt het eeuwige leven. Wie niet gelooft, blijft onder de toorn van God (Dordtse Leerregels I.4). In de prediking moet Christus aangeboden worden (Dordtse Leerregels III/IV.9) en naar voren komen dat God graag wil dat iedereen die het Evangelie hoort tot Hem komt en gelooft (Dordtse Leerregels III/IV.8). Lees meer over het aanbod van genade in de Dordtse Leerregels.

Dat aanbieden van Christus is niet voorwaardelijk. Christus wordt in het Evangelie niet alleen aangeboden aan Gods kinderen, aan de uitverkorenen of aan zondaren die ontdekt zijn aan hun ellende. Als het aanbod van genade ingeperkt wordt lopen we het gevaar van het hypercalvinisme. Het is waar, wie door de Heilige Geest niet ontdekt wordt aan zijn zonden zal nooit tot Christus vluchten. Maar je hoeft niet eerst vast te stellen dat je ellendekennis genoeg is. Als je in jezelf zoekt naar een reden waarom je tot Christus zou mogen komen, blijf je vragen: besef ik mijn schuld wel genoeg? Heb ik genoeg berouw? Daarom moet je het houvast buiten jezelf zoeken, in Christus en Zijn belofte. Hij is gekomen voor de grootste zondaren. Er is geen enkele voorwaarde waaraan je moet voldoen voordat je naar Hem toe mag gaan. Hij roept je: komt allen tot Mij die vermoeid en belast zijn en Ik zal u rust geven (Mattheüs 11:28; Jesaja 45:22). En Hij belooft dat wie tot Hem komt niet weggestuurd zal worden (Johannes 6:37). Wie zich meer wil verdiepen in de verhouding van wet en Evangelie in de prediking en de prediking van de beloften, kan veel leren van de prediking van de Erskines.
 

"Hoe beter predikanten hun best doen om het Evangelie te verkondigen, hoe meer de genade van God zich zal tonen"


Misschien zeggen sommigen: zonder de wederbarende genade van God kan een dode zondaar helemaal niets. Dus wat heeft het dan voor nut om het Evangelie te preken? De Dordtse Leerregels beantwoorden die vraag heel letterlijk. De noodzaak van het eenzijdige werk van God sluit het Evangelie als middel niet uit. Onze wijze God heeft het Evangelie juist gegeven als het zaad van de wedergeboorte. En hoe beter predikanten hun best doen om het Evangelie te verkondigen, hoe meer de genade van God zich zal tonen (Dordtse Leerregels III/IV.17). Wat een verantwoordelijke taak hebben predikanten!

Op basis van je vraag kan ik niet beoordelen onder welke prediking je precies zit en of jouw beschrijving daarvan een volledig beeld geeft. Als je je zorgen maakt over de prediking moet je in ieder geval in gesprek gaan met je predikant of met een ouderling. En bid vooral ook voor je predikant, dat hij net als Paulus gedrongen door de schrik des Heeren en de liefde van Christus de mensen beweegt tot geloof. Dat hij als een gezant van Christus wege de mensen bidt om zich met God te laten verzoenen (2 Korinthe 5:11-21)!

Je mag de prediking toetsen aan Gods Woord (Handelingen 17:11). Maar blijf ook luisteren met het gebed “spreek, Heere, want Uw knecht hoort.” Ook door een gebrekkige preek kan de Heere mensen onderwijzen, vermanen en troosten. Gelukkig maar, want wie zou er volmaakt kunnen preken?

Van harte Gods zegen toegebeden,
J. den Haan

Lees meer artikelen over:

aanbod van genade

Mis niks, abonneer je op onze WhatsApp en wekelijkse nieuwsbrief

Dit artikel is beantwoord door

J. den Haan

  • Geboortedatum:
    22-05-1985
  • Kerkelijke gezindte:
    Gereformeerde Gemeenten
  • Woon/standplaats:
    Oostkapelle
  • Status:
    Actief
12 artikelen
J. den Haan

Bijzonderheden:

Bekijk ook:


Dit panellid heeft meerdere artikelen geschreven
Geen reacties
Je kunt niet (meer) reageren op dit bericht. De reactiemogelijkheid is niet geactiveerd of de uiterste reactietermijn van 1 maand is verstreken.

Terug in de tijd

Zonen van de goden

Wie zijn de zonen van de goden in Genesis 6? Hadden die zonen Gods ook dochters, en was Kaïn daar mee getrouwd?
2 reacties
05-11-2011

Heerlijke oordeelsdag

Al enige tijd loop ik rond met een voor mij prangende vraag. Deze vraag betreft de verhouding tussen het volmaakt zijn en het zonde- en schuldbesef. De aanleiding hiervoor vormt datgene wat de Bijbel ...
4 reacties
05-11-2011

God is begonnen

Aan ds. Driessen n.a.v. uw antwoord van 7-sept 2006. Die las ik vandaag, over: “Begin er aan en dan zul je ontdekken dat jij niet kunt beginnen maar dat Hij begonnen is.” Nu las ik net een lezing van ...
Geen reacties
05-11-2008
design website door design website by Mooimerk website-ontwikkeling door webdevelopment by Accendis hosting website door hosting website by STH Automatisering
Stel hier
een vraag