(...) Ik begrijp dat men niet dan te gemakkelijk met het evangelie wil omgaan. M...

Ds. C. Harinck / geen reacties

09-03-2006, 00:00

Vraag

Vraag aan ds. C. Harinck. In uw boek over het aanbod van genade stelt u dat het te vrezen is dat de prediking van het evangelie in sommige kerken niet onvoorwaardelijk en op de juiste wijze gepredikt wordt. Als dit het geval is binnen je gemeente, kun je dan nog wel bevestigend antwoorden op de doopvragen? Het is dan toch niet meer de volkomen leer ter zaligheid? Ik constateer binnen mijn gereformeerde gemeente dat onze vorige dominee altijd een woord had voor onbekeerden, een aansporing, bestraffing, aanwijzingen, e.d.. Onze huidige dominee doet dat niet tot veel minder. Dat is voor mij een hoogst ernstige constatering. Het lijkt wel als hij naar Christus wijst, hij eerst zegt tegen wie hij het heeft. Hij heeft het dan over “van verre staanden, ongetroosten, die hun zonde hebben leren kennen”. Ik weet dat ik daar niet bij hoor. Ik mag die aanwijzingen van hem dan ook niet op mij toepassen. Toch wil ik Christus leren kennen. Ik weet niet hoe. Is er binnen de Gereformeerde Gemeenten zón verschil van prediking.? Het is voor mij zo belangrijk. Ik vraag het zeker niet om onrust te zaaien. Ik loop al zeker twee jaar met deze vragen. Hoe staan wij tegenover het evangelie? Als het op de juiste wijze gepredikt wordt is er van onze kant toch geen excuus om onbekeerd te zijn? Dit bedoel ik niet gemakkelijk. Deze ruimte lijkt er soms wel te bestaan om vrijblijvend onwedergeboren door het leven te gaan. Als dan de wet niet verbreekt dan zou een prediking van het evangelie harde harten toch wel verbreken? Tegenover een bereidwillige Zaligmaker kun je toch niet onverschillig blijven? Menselijkerwijs gesproken zouden er dan toch meer mensen tot bekering komen? Hoe kan het dan dat dit zo vaak onderbelicht wordt? Hoe kan het dat de ene dominee de absolute noodzaak ervan inziet en de andere dominee het niet preekt? Ik begrijp dat men niet dan te gemakkelijk met het evangelie wil omgaan. Maar dit mag toch niet de boodschap afzwakken?

Antwoord

Het is niet gemakkelijk je vraag gewoon objectief te beantwoorden. Zo spoedig wordt mijn antwoord uitgelegd als afbrekend en polariserend voor het eigen kerkverband. Ik denk dat liefde tot je kerk ook gepaard gaat met zorg over je kerk.
Ik maak mij al jaren zorgen over het gebrekkig functioneren van de onvoorwaardelijke nodiging van het Evangelie in de prediking. Ontsporingen rondom ons en ook wel binnen het eigen kerkverband hebben er toe geleid dat vooral sterk omschreven wordt voor wie het evangelie bestemd is. Het wordt dan al snel een voorwaardelijk evangelie. Er wordt niet meer vrij geroepen: "Wie dorst heeft, die kome en die wil neme het water des levens om niet". Men nodigt dan niet meer zoals de dienstknechten uit de gelijkenis: "Komt tot de bruiloft". Bepaalde voorwaarden en geschiktheden blokkeren dan de vrije nodiging.

Zo zal het niet bedoeld zijn, maar zo zullen de hoorders het wel oppakken. Je moet eerst dit kennen of dat hebben beleefd voordat je op de belofte van het Evangelie mag hopen. Er ontstaat dan inderdaad een excuus om onbekeerd te zijn. Je voelt dan niet dat  je iets met de boodschap moet doen. Het is te vrijblijvend. De noodzaak van bekering en geloof blijft dan wel maar de eis en het bevel om te geloven en zich te bekeren beginnen te ontbreken. De mensen beginnen zich slachtoffer te voelen, terwijl zij schuldig staan indien zij zich niet bekeren en niet geloven. De ernst van het Evangelie begint dan ook te ontbreken. Ik bedoel daarmee niet de ernstige vermaning om de paden van de zonden en de leefwijze van de wereld te verlaten, maar de ernst van: "Hoe zullen wij ontvlieden, indien wij op zo grote zaligheid geen acht geven", Hebr. 2:3. De prediking wordt daardoor wettisch en mist de evangelische warmte in de vermaning en bestraffing.

Er staat dus heel wat op het spel. In de kerkgeschiedenis, vooral in Engeland en Schotland, is gebleken dat de prediking verstart en op den duur geen kracht meer heeft. De prediking van een onvoorwaardelijk aanbod van genade is van essentieel belang voor onbekeerde en reeds overtuigde zondaren. Het gaat er ten diepste om of de genade op voorwaarde is of zonder voorwaarde is. De troost en de hoop van een ellendig zondaar, die niets heeft dan zonden en schuld, is en blijft dat de genade "om niet" is. Wanneer we dit verliezen, lijden we een groot verlies. Hoewel er dus tegen een oppervlakkig aannemen van de belofte van het Evangelie moet worden gewaarschuwd, de noodzaak van de kennis van de ellende niet mag worden verzwegen, mag dit niet in mindering worden gebracht op de vrije nodiging van het Evangelie.

Alhoewel niemand in de praktijk tot Christus  komt dan die zijn zonden en ellenden gevoelt. Zo is het toch de boodschap: Wie tot Christus komt, is welkom! Een dienaar moet hier het evenwicht bewaren. Het gaat om Wet en Evangelie. Indien je, in dit verband, moeite hebt met het beantwoorden van de doopvragen, zou je daar met je predikant over moeten spreken. Ik hoop met dit vrij uitvoerig antwoord je tot enige hulp te zijn geweest.
 
Ds. C. Harinck

Ds. C. Harinck

Ds. C. Harinck

  • Geboortedatum:
    09-04-1933
  • Kerkelijke gezindte:
    Gereformeerde Gemeenten
  • Woon/standplaats:
    Kapelle
  • Status:
    Actief
  • Bijzonderheden:
    Emeritus
geen reacties

Terug in de tijd

Een hele korte vraag waar ik niet uit kom. Loop je met Jezus in het leven of loop je achter Jezus aan in het leven?
2 reacties
09-03-2011
Ik heb een vraag. Vaak als ik bid besef ik niet dat ik het echt tegen God heb. Wat kan ik hier aan doen? Ook kan ik mij ...
3 reacties
09-03-2016
Als belijdend lid van de Gereformeerde Gemeenten ben ik grootgebracht met de opvatting dat het bergafwaarts gaat als iem...
geen reacties
09-03-2020
website-ontwikkeling door webdevelopment by Accendis
design website door design website by Mooimerk
hosting website door hosting website by STH Automatisering