Geloven is komen
Ds. A. Simons | Geen reacties | 01-04-2026| 12:57
Vraag
Wat een mooi antwoord van ds. Simons op “Geloven is geen werken”. Tegelijk voel ik me net als die vrouw in het antwoord die gestorven is. Het is zo verwarrend, hier tob ik al zo lang mee. Moeten we dan aan de ene kant dus níet meer zoeken, kloppen en bidden? Er zijn toch vaak genoeg mensen bekeerd die er om vroegen? “Houd maar aan”, zegt onze dominee dan. “Zet je klomp maar tussen de deur...” En aan de andere kant: hoe geloof je dan dat het voor jou is? Ik snap die vrouw zo goed. Wat moet je dan doen om dat te geloven, wat ís geloven?
Ik ben zo niet opgevoed maar ik heb het weleens gewaagd (voor mijn gevoel) om in het gebed te zeggen: “Ik wil dit ook geloven, leert U me dit alstublieft want ik weet niet hoe het moet.” Er moet dan toch ook iets veranderen bij je vanbinnen, je moet Hem lief hebben/krijgen, je zonden moeten je pijn doen, etcetera. Als dat allemaal niet zo is, dan kun je wel zeggen “ik geloof”, maar dan is het een leugen.
En wilt u ook nog antwoord geven op die tweede vraag: In een preek zei een dominee pas dat hij dacht dat er maar weinig kinderen van God zijn in de gemeente die vergeving van zonden kennen. Dit begrijp ik niet. Als kind van God heb je toch vergeving van zonden anders ben je Zijn kind toch niet? Hoe zit dit?
Antwoord
Na het laatste antwoord van ds. Simons zijn verschillende vervolgvragen binnengekomen, ook bij hem persoonlijk. Verder wil ds. Simons nog wat dieper ingaan op de eerste vraag over het komen tot Christus. Hoe gaat dat in de praktijk en kan een mens dat wel uit zichzelf? Ook bovenstaande vragen worden in de antwoorden hieronder meegenomen.
Je schrijft: kunnen wij dat dan wel komen? Ik zeg je dat komen een ander woord is voor geloven. Komen is geen werk, maar een daad van het geloof. Jij zegt misschien wel: een mens kan toch niet geloven? Vriend(in), ik zeg je dat je het niet begrijpt; je maakt van komen een werk. Komen is geen werk. Komen is een ander woord voor geloof. Geloof krijg je. Geloof wil God je geven. Geloof geeft God je, dat verdien je niet, maar krijg je.
Hoe dan, zou je kunnen vragen. Door een visioen? Nee. Door dromen? Door een bijzondere openbaring? Nee! Maar hoe dan wel? Luister, geen stem uit de hemel, geen bijzondere openbaring maar God werkt dit geloof door het horen van het Woord (Romeinen 10:14). Want hoe zullen ze geloven indien het niet gepredikt wordt? Wat wordt er gepredikt dan?
"In der eeuwigheid brengt de wet geen heil en zaligheid. Hij vloekt en dondert!"
Misschien denk je: wet en evangelie. Ja, maar de wet maakt geen mensen levend. Integendeel, hij dood ons. De wet heeft nog nooit iets positiefs tegen ons gezegd, wel het tegendeel. De wet vervloekt je, de wet dondert en eist en je hebt niets om te betalen. De wet heeft nog nooit bij iemand het heil gebracht. Dat kan ook niet, want de wet is krachteloos (Romeinen 8:3); door onze zondeval geworden. In der eeuwigheid brengt de wet geen heil en zaligheid. Hij vloekt en dondert!
Het Evangelie zegt: komt! Het Evangelie brengt de belofte bij ons van het eeuwige leven voor eenieder die gelooft. Wat is geloof? Ophouden met werken! (Romeinen 4:5). Het evangelie zegt: komt, koopt en eet wijn en melk, waarom wegen jullie geld uit voor hetgeen je niet helpen kan (Jesaja 55:2). Komt en uw ziel zal leven. Kom, al bent je nog zo vermoeid en belast van de 613 wetten die te zwaar zijn om te dragen (Mattheüs 11:28). Kom vermoeide zondaar, Ik zal je rust geven. Zo trekt het Evangelie, of anders gezegd de belofte van het Evangelie, mij tot Christus. Daar wordt de rust geschonken en het vette van het huis gesmaakt en daar maakt het elk in liefde dronken (Psalm 36:2). Mijn vriend en vriendin: kom!, is het eerste zaligmakend werk wat God in je werkt om te komen zonder geld (Jesaja 55:1). Hopelijk begrijp je door Gods genade iets van het geheim.
Dan nog deze vraag. “In een preek zei een dominee pas dat hij dacht dat er maar weinig kinderen van God zijn in de gemeente die vergeving van zonden kennen. Dit begrijp ik niet. Als kind van God heb je toch vergeving van zonden anders ben je Zijn kind toch niet? Hoe zit dit?”
Ik vind het lastig om dit te beantwoorden. Niet omdat het voor mij lastig is, maar omdat de Schrift hierin niet duidelijk is. Maar ik weet dat velen het zullen uitleggen als dat ik een vijand ben van de weg die God met Zijn volk gaat. Maar de uitspraak van die dominee heeft al vele harten van kinderen van God doen wankelen. Veel leven er tussen hoop en vrees. Ze zijn niet dood en niet levend. Ze horen niet bij Gods kinderen en horen ook niet meer bij de wereld. Ze hebben wat meegemaakt, maar het is nog niet genoeg. Wel wedergeboren, maar niet gerechtvaardigd. Wel levend gemaakt, maar niet vrijgesproken.
Waar horen ze dan bij? Een derde soort mensen helaas. Mensen die leven van bevindingen en gevoelens, maar leven niet uit het Woord. Hun geestelijk leven is gebouwd op hoe ze dingen ervaren en dingen hebben gehoord. Deze leer leert dat de rechtvaardiging een witte raaf is. Velen leren dat dit een weldaad is die weinig mensen wordt gegund. Helaas worden velen zo in leven gehouden met allerlei ervaringen en toestanden, maar ze zijn nog steeds geestelijk dood. Anderen wachten op een gebeurtenis waarin ze mogen weten dat hun zonde vergeven zijn. Ze staan er nu nog buiten, maar God is wel een goed werk begonnen.
Ik vind het levensgevaarlijk. Doden worden voor levend gehouden. En levenden zijn nog steeds dood. Hooguit zijn hun zonden levend gemaakt, maar dan ben je nog niet geestelijk levend. Christus is het begin en buiten Hem liggen we midden in de dood. Alleen zij die het leven hebben leren vinden in Christus alleen als een dode zondaar, die zijn rechtvaardig voor God.
"Het zwakke geloof heeft een zwakke troost van de vergeving der zonde. Maar het zwakke geloof hunkert en ziet uit naar verdieping"
Als laatste wil ik wel vanuit het Woord laten weten dat het zwakke geloof een zwakke troost heeft van de vergeving der zonde. Maar het zwakke geloof hunkert en ziet uit naar verdieping, uit en in het Woord. Opdat wij meer en meer zouden weten de dingen die ons van God geschonken zijn (1 Korinthe 2:12), of zoals onze Heidelberger het zegt: dat een iegelijk die in de gekruisigde Christus gelooft, dat hun verkondigd moet worden dat hun zonden vergeven zijn! ( zondag 31 van de Heidelbergse catechismus).
Er zou veel meer over te zeggen zijn. Ik weet natuurlijk ook dat de gelovigen onder vuur kunnen liggen in vertwijfeling en in banden van de dood. Zodat ze weinig troost hebben van de beloften van het evangelie. En toch Gods beloften zijn gewisse belofte. Ze zijn waar en zeker. Wij kunnen wankelen en door vertwijfeling de troost kwijt zijn, maar Gods’ beloften blijven waar, ook al is de troost tot bijna niets geworden.
Als laatste wil ik belijden op grond van de Schrift: wie Christus niet heeft, die heeft geen vergeving van zonde. We kunnen menen dat wij veel hebben, maar als wij Christus niet hebben tot vergeving van zonde dan zijn we nog geestelijk dood.
Gods zegen en groet,
uw ds. A. Simons
Dit artikel is beantwoord door
Ds. A. Simons
- Geboortedatum:07-05-1958
- Kerkelijke gezindte:PKN (Hervormd)
- Woon/standplaats:Valburg-Homoet
- Status:Actief
Bijzonderheden:
Bekijk ook:


