Zorgen over evangelische gemeente
P. Speelman | Geen reacties | 19-10-2026| 10:57
Vraag
Ik ga mijn hele leven al naar een relatief kleine, min of meer evangelische gemeente met meerdere vestigingen. De gemeente is altijd nogal op zichzelf geweest; we zijn niet de types die op de markt staan te evangeliseren. De laatste jaren zijn er ook intern best wel wat problemen, zodat het al helemaal niet aan de orde is om aan de buitenwereld te werken. Er zijn veel mensen weggegaan. In eerste instantie begreep ik niet zo goed waarom, maar langzamerhand begin ik het wel te snappen. Er klopt volgens mij best wel veel niet in de manier waarop wij gemeente zijn. Sommige denkbeelden/manier van wat ons geleerd wordt zijn volgens mij ook niet echt volgens de Bijbel. Ik denk dat het dat ooit wel was, maar dat het in de loop van de tientallen jaren een soort van afgezwakt of afgedreven is of zo. Lastig te omschrijven.
Een paar voorbeelden hiervan:
- Er wordt gezegd dat wij de enige echte gemeente zijn. Alleen als je bij ons naar de gemeente gaat, hoor je er echt bij. Ik vond dat als kind al een raar idee, maar heb me er nooit zo druk om gemaakt dat ik het daar niet mee eens was. Maar de laatste jaren begint dat me toch een beetje dwars te zitten;
- Er zijn geen oudsten of zo. Er zijn voorgangers die gaan over het geestelijke en een dagelijks bestuur die over de facilitaire zaken gaat (gebouw etcetera). Onze voorganger is er niet meer en nu hebben we eigenlijk alleen maar iemand die ooit eens als een soort reserve-voorganger is aangewezen. Hij leidt wel de diensten, maar er is niet echt sprake van preken, onderwijs, en dergelijke. Onze voorgangers hebben overigens ook niet gestudeerd hiervoor;
- De laatste jaren is er best wel veel intern gedoe geweest, maar er is niet echt iemand of een groep ouderlingen die daarin de leiding neemt om dit op te lossen. Daarom suddert alles maar door. Er is ooit wel eens gesproken over het aanstellen van oudsten, maar dat is nooit van de grond gekomen. Ik denk dat het ook best wel heel moeilijk is om mensen te vinden die aan alle eisen uit de Bijbel voldoen;
- Bijbelstudie wordt afgeraden. Je moet wel in je Bijbel lezen, maar je mag niet dingen verder uitzoeken, bespreken of uitpluizen. Ik had daar ook nooit zo'n behoefte aan, maar merk dat dit de laatste jaren voor mij wel belangrijker is geworden. Ik luister nu heel veel naar podcasts over de Bijbel en ben behoorlijk gefascineerd over alles waar ik achter kom, wat ik nooit geweten heb. Mijn man keurt dit erg af overigens en is bang dat ik hier veel te ver mee ga;
- Het wordt sowieso erg afgekeurd om informatie van buiten de eigen gemeente te halen. Diensten elders bijwonen, luisteren naar die podcasts of naar andere sprekers (bij gebrek aan een eigen spreker) is nog net niet letterlijk verboden, maar wordt heel sterk afgeraden.
Ik zit hier eigenlijk best wel mee. Vooral het feit dat we nu weliswaar mooie samenkomsten hebben, waarin veel gezongen en gebeden wordt, maar niet erg veel onderwijs gegeven wordt. Ik ben in deze gemeente opgegroeid, maar omdat niet allebei mijn ouders erheen gingen, deden wij thuis niet zoveel aan geloof. Ik vind het ook nog steeds heel moeilijk om dit in mijn eigen gezin wel te doen. Soms volg ik een bijbelplan en dan lees ik dingen die ik graag met mijn gezin zou delen, maar dat durf ik niet zo goed omdat mijn man dit ook erg afkeurt.
Ik heb ook vriendinnen die nog in de gemeente zitten en dezelfde visie als mijn man hebben. Met hen kan ik hier niet goed over praten, want ze zouden zich erg zorgen maken als ze wisten dat ik zulke twijfels heb. Met vriendinnen die de gemeente verlaten hebben kan ik er ook niet over praten, want dan gaat daar de vlag uit omdat ze denken dat ik ook er uit ga stappen. Om eerlijk te zijn denk ik dat er hier en daar wel wat sektarische trekjes te vinden zijn, hoewel ik ons niet als sekte zou willen bestempelen. Ik heb er dus mijn twijfels over of het allemaal wel klopt zoals het bij ons gaat en hoe ik daar mee om moet gaan als ik het liever anders zou willen. We zijn wel min of meer evangelisch, maar ook vrij ouderwets en ik ben maar een vrouw, dus er is geen enkele mogelijkheid dat ik zelf hier iets in kan bereiken. Een vraag aan iemand die een beetje bekend is in de evangelische wereld...
Met vriendelijke groeten, een bezorgd en verward gemeentelid.
Antwoord
Beste vraagstelster,
Dank je wel voor je openhartige brief. Je beschrijft een moeilijke situatie omdat de gemeente waarin je bent opgegroeid verweven is met je huwelijk en je vriendschappen. Wanneer je vragen krijgt bij wat daar geleerd wordt, raakt dat dus veel meer dan alleen je mening over een samenkomst.
Om jouw brief goed te begrijpen vat ik hieronder kort samen wat je volgens mij bedoelt:
-Je verlangt naar een beter begrip van de bijbel;
-Jullie kerk/gemeente is de enige echte gemeente, is de insteek van de leiding;
-Er zijn geen oudsten of voorgangers die gestudeerd hebben;
-Bijbelstudies, preken van andere gemeenten en podcast worden sterk afgeraden door de leiding;
-Persoonlijke Bijbelstudie keurt jouw echtgenoot af;
-De gemeente is evangelisch maar ook wel ouderwets;
Ik probeer punt voor punt een bijbels-verantwoorde reactie te formuleren:
1. Je verlangt naar een beter begrip van de bijbel
Laat ik beginnen met: Jouw verlangen om de Bijbel beter te begrijpen is geen reden om je schuldig te voelen. Vragen stellen en onderwijs toetsen aan Gods Woord zijn geen tekenen van ontrouw. Ze kunnen juist voortkomen uit het verlangen om Christus trouw te volgen. Op grond van je brief is het niet mogelijk om over de gemeente oordelen. Wel beschrijf je enkele opvattingen en gewoonten die mijns inziens moeilijk te verenigen zijn met wat het Nieuwe Testament over de gemeente leert.
"Vragen stellen en onderwijs toetsen aan Gods Woord zijn geen tekenen van ontrouw. Ze kunnen juist voortkomen uit het verlangen om Christus trouw te volgen"
2. Jullie kerk/gemeente is de enige echte gemeente, is de insteek van de leiding
Je schrijft dat jullie de enige echte gemeente zouden zijn en dat iemand er alleen werkelijk bij hoort als hij of zij bij jullie gemeente aangesloten is. Als daarmee bedoeld wordt dat alleen jullie leden bij Christus horen, is dat een on-Bijbelse aanspraak. De gemeente is van Christus en geen enkele plaatselijke gemeenschap kan Hem voor zichzelf opeisen. Paulus schrijft in 1 Korinthe 1:2 aan de gemeente in Korinthe, maar verbindt die gemeente direct met allen die overal de naam van Jezus Christus aanroepen. En wanneer er partijvorming ontstaat rond bepaalde leiders, vraagt hij: “Is Christus verdeeld?” (1 Korinthe 1:12-13). Onze verbondenheid met Christus wordt niet bepaald door het lidmaatschap van één organisatie of kerkverband. Dat betekent niet dat alle kerken hetzelfde leren of dat verschillen er niet toe doen. Onderwijs moet getoetst worden. Maar die toetsing geldt ook voor de eigen gemeente. Een gemeente mag nooit haar eigen gezag in de plaats stellen van het gezag van Christus en zijn Woord.
3. Bijbelstudies, preken van andere gemeenten en podcasts worden sterk afgeraden door de leiding
Het is juist daarom dat ik het afraden van Bijbelstudie zorgelijk vind. In Handelingen 17:11 worden de mensen in Berea juist positief beschreven omdat zij dagelijks de Schriften onderzochten om na te gaan of het onderwijs van Paulus daarmee overeenkwam. Zelfs een apostel stond dus niet boven die toetsing. Bijbellezen en Bijbelstudie hoeven ook niet tegenover elkaar te staan. Als je probeert te begrijpen wat een tekst betekent, de samenhang onderzoekt en daarover met anderen spreekt, ben je bezig met wat je leest. In Kolossenzen 3:16 moedigt Paulus de gelovigen aan om het woord van Christus rijkelijk in hen te laten wonen en elkaar te onderwijzen.
Natuurlijk is niet iedere podcast betrouwbaar. Een boeiende spreker heeft niet automatisch gelijk. Kijk daarom of iemand zorgvuldig met de Bijbel omgaat, teksten in hun verband uitlegt en ruimte laat voor toetsing. Maar dat er verkeerd onderwijs bestaat, rechtvaardigt niet dat alle onderwijs van buiten de eigen kring wordt afgewezen. Volgens 1 Thessalonicenzen 5:21 moeten we alles beproeven en het goede vasthouden.
Ook je verlangen naar meer onderwijs in de samenkomsten is terecht. Zingen en bidden zijn kostbare onderdelen van het gemeenteleven. Tegelijk volhardde de eerste gemeente in het onderwijs van de apostelen (Handelingen 2:42). Paulus draagt Timotheüs op aandacht te geven aan het voorlezen van de Schrift, de aansporing en het onderwijs (1 Timotheüs 4:13). Een gemeente heeft geestelijk voedsel nodig, zodat gelovigen groeien en leren onderscheiden wat waar is.
4. Er zijn geen oudsten of voorgangers die gestudeerd hebben;
Je noemt daarbij dat jullie voorgangers niet voor hun taak hebben gestudeerd. Het ontbreken van een theologische opleiding maakt iemand op zichzelf nog niet ongeschikt. De Bijbel stelt geen diploma als voorwaarde voor geestelijk leiderschap. Wel moet een leider bekwaam zijn om te onderwijzen en zich houden aan het betrouwbare Woord (1 Timotheüs 3:2; Titus 1:9). Wie voorgaat, heeft de verantwoordelijkheid om zich daarin te verdiepen en zich te laten toetsen. Een opleiding kan daarbij helpen, maar vervangt nooit een leven met Christus en trouw aan de Schrift.
Dat er geen oudsten zijn en dat conflicten blijven voortduren, verdient eveneens aandacht. In Handelingen 14:23 lezen we dat Paulus en Barnabas in de gemeenten oudsten aanstelden. In Titus 1:5 krijgt Titus de opdracht om dat ook te doen. Het Nieuwe Testament laat daarmee zien dat geestelijke zorg en leiding niet uitsluitend op één persoon behoren te rusten.
Christenen verschillen over de precieze inrichting van het kerkbestuur. Toch moet duidelijk zijn wie verantwoordelijkheid draagt voor het onderwijs en voor de pastorale zorg en wie leiders op hun handelen kan aanspreken. Een bestuur dat alleen het gebouw en de financiën beheert vervult daarmee nog niet die geestelijke verantwoordelijkheid.
Je vraagt je af of er wel mensen te vinden zijn die aan alle Bijbelse eisen voor oudsten voldoen. Die eisen moeten serieus genomen worden, maar ze beschrijven geen zondeloze mensen. Het gaat om herkenbare geestelijke volwassenheid en een betrouwbare levenswandel. Een leider moet ook kunnen erkennen dat hij verkeerd gehandeld heeft en bereid zijn zich te laten corrigeren.
Petrus schrijft dat oudsten de kudde moeten hoeden zonder over de gelovigen te heersen en dat zij voorbeelden moeten zijn (1 Petrus 5:2-3). Geestelijk leiderschap dient mensen in hun leven met Christus. Het mag hen niet afhankelijk maken van de leider of bang maken om vragen te stellen.
Dat brengt mij bij je woorden: “Ik ben maar een vrouw.” Het doet mij verdriet dat je jezelf zo omschrijft. Je bent een volwaardig lid van het lichaam van Christus. Christenen verschillen van inzicht over de vraag welke ambten vrouwen kunnen vervullen, maar dat verschil geeft niemand het recht om jouw geweten of je verlangen naar Bijbels onderwijs terzijde te schuiven.
In Handelingen 18:26 lezen we dat Priscilla en Aquila, twee eenvoudige christenen, samen aan Apollos, een gestudeerd theoloog, de weg van God nauwkeuriger uitlegden. Je hoeft geen ambt te bekleden om een inhoudelijke vraag te stellen of een zorg uit te spreken. Ook jouw stem verdient een respectvolle reactie.
5. Persoonlijke Bijbelstudie keurt jouw echtgenoot af
De houding van je man maakt dit alles extra moeilijk. Misschien kun op een rustig moment proberen uit te leggen wat je zoekt. Je zou bijvoorbeeld kunnen zeggen: “Ik wil graag beter begrijpen wat God in zijn Woord zegt. Dat is de reden waarom ik lees en luister. Ik wil daar met jou over kunnen praten, zonder dat je meteen bang hoeft te zijn dat ik mijn geloof loslaat.”
Vraag hem ook waar hij precies bang voor is. Misschien vreest hij verdeeldheid of verkeerd onderwijs. Die zorgen kun je serieus nemen en samen bespreken. Maar respect voor je man betekent niet dat jouw eigen verantwoordelijkheid tegenover God vervalt. Het huwelijk behoort ruimte te bieden voor een eerlijk gesprek over geloofsvragen.
Voor het geloofsgesprek in je gezin hoef je niet meteen een uitgebreid programma op te zetten. Een kort Bijbelgedeelte en een eenvoudige vraag kunnen al een begin zijn. Bespreek met je man hoe jullie daar samen vorm aan kunnen geven, zodat de kinderen niet tussen jullie komen te staan. Als een rustig gesprek hierover steeds onmogelijk blijkt, kan hulp van een betrouwbare pastorale begeleider buiten jullie gemeente verstandig zijn.
De combinatie van een exclusieve aanspraak op de waarheid, het ontmoedigen van onderzoek en het afwijzen van onderwijs van buitenaf is wel zorgelijk.
Wat kun je nu doen?
Ik zou beginnen met je zorgen concreet op te schrijven. Noteer wat er werkelijk gezegd of gedaan wordt en welke Bijbelteksten daar volgens jou vragen bij oproepen. Daarmee voorkom je dat het gesprek alleen gaat over het algemene gevoel dat er ‘iets niet klopt’. Vraag vervolgens, als daarvoor ruimte is, een gesprek met degene die geestelijke verantwoordelijkheid draagt. Je kunt vragen waarom Bijbelstudie wordt afgeraden. En vraag ook waarop de aanspraak op de “enige echte gemeente” berust. Let daarbij ook op de manier waarop men reageert. Een gezonde gemeente hoeft niet op iedere vraag onmiddellijk een antwoord te hebben, maar moet wel bereid zijn te luisteren en zichzelf aan de Schrift te toetsen.
Daarnaast lijkt het mij verstandig iemand buiten deze kring te zoeken die rustig met je meedenkt. Kies iemand die je zorgen serieus neemt, zonder je onmiddellijk naar een andere gemeente te willen trekken. Je hebt behoefte aan een gesprek waarin je vrijuit kunt spreken en samen de Bijbel kunt openen.
6. De gemeente is evangelisch maar ook wel ouderwets
Je gebruikt zelf de woorden “sektarische trekjes”. Ik zou op basis van één brief geen definitief etiket op de gemeente plakken. De combinatie van een exclusieve aanspraak op de waarheid, het ontmoedigen van onderzoek en het afwijzen van onderwijs van buitenaf is echter wel zorgelijk. Het gaat uiteindelijk om de vraag of mensen geholpen worden om Christus te volgen en of leiders bereid zijn verantwoording af te leggen.
Je hoeft vandaag niet te beslissen of je moet vertrekken. Tegelijk ben je niet verplicht onbeperkt te blijven wanneer Bijbels onderwijs wordt tegengehouden en wezenlijke zorgen niet besproken mogen worden. Hebreeën 10:25 roept op om de onderlinge samenkomst niet te verwaarlozen; die tekst verplicht je niet om onder alle omstandigheden aan één bepaalde plaatselijke gemeente verbonden te blijven. Een andere gemeente zoeken kan een verantwoorde stap zijn.
Laat je daarbij niet voortdrijven door de druk van mensen die willen dat je blijft, of door de verwachtingen van mensen die hopen dat je vertrekt. Neem tijd om te bidden en de Schrift te onderzoeken, met steun van iemand die zorgvuldig met je meedenkt.
Je trouw aan Christus weegt zwaarder dan je trouw aan een kerkelijke organisatie. Dat vraagt om een nederige houding, maar ook om de vrijheid om eerlijk te toetsen wat je geleerd wordt.
Ik hoop dat je die ruimte zult vinden, ook in het gesprek met je man. Je verlangen om Gods Woord beter te leren kennen verdient bemoediging. Je mag met je vragen naar de Heere gaan en Hem om wijsheid vragen, zoals Jakobus 1:5 ons uitnodigt. God ziet ook hoe ingewikkeld deze situatie voor je is.
Met een hartelijke groet,
Piet Speelman
Dit artikel is beantwoord door
P. Speelman
- Geboortedatum:12-04-1950
- Kerkelijke gezindte:Evangelische Gemeente
- Woon/standplaats:Folsgare
- Status:Actief
Bijzonderheden:
Evangelische Gemeenschap Sneek


